Pages

Monday, April 18, 2011

Geval van een festival II

Eigenlijk heb ik helemaal geen tijd om hier een post te schrijven. Het is namelijk niet alleen registration week, maar ook de een-na-laatste week voor de tentamens, en u weet wat dat betekent: nakijken, heel veel studenten te woord staan, nakijken, senior portfolio defenses bijwonen, en nog meer nakijken. Maar ik had gisteren een dusdanig lumineus idee, dat ik toch tijd kan maken voor een blogje vandaag (en dan ook nog eens in het Nederlands!).

Ik ben er namelijk achter gekomen dat ik mezelf eigenlijk helemaal niet vooruit help als ik altijd al mijn werk ver van te voren af heb door in het weekend en 's avonds te werken. Weet u wat er dan namelijk gebeurt? Dan komen mijn collega's of mijn bazen met een of andere klusje aan, dat nou niet super urgent is, maar toch eigenlijk wel gedaan moet worden. Aangezien ik de enige ben die een beetje op schema loopt met werk, mag u drie keer raden wie ze dan elke keer vragen.
Juist.
Ik dus.
En ik hoef er natuurlijk niet bij te vertellen dat ik het dan niet over mijn hart kan verkrijgen om "nee" te verkopen.
Als ik daarentegen mezelf niet drie slagen in de rondte werk in mijn vrije tijd, dan heb ik wel een goede reden om "nee" te zeggen, en word ik dus minder vaak opgezadeld met roosters maken, vergaderingen bijwonen, en allerlei andere dingen die totaal niet bijdragen aan mijn wetenschappelijk carriere.

En het schrijven van een blogpost doet dat natuurlijk wel. (Echt waar. Je kan het meetellen als "creative production" in je tenure portfolio. Geloof ik. Moet ik wel even alle negatieve referenties aan mijn studenten verwijderen.)

Dus, ondanks dat ik het nu dus eigenlijk best wel druk heb, omdat ik van het weekend maar liefst een dag heb vrijgenomen, is het gevoel dat ik absoluut niet met een of andere rotklus opgezadeld kan worden zo bevrijdend dat ik toch graag iets wil vertellen over het festival van het weekend.

Het was in een woord geweldig. Ik heb mijn ogen uitgekeken. Het begon al met het stro dat op de grond lag. De ondertitel van het festival (dus naast die naam over een ranzige rivier) was namelijk: The barnyard gathering (of zoiets), en om het barnyard gevoel verder te versterken had met het hele festival terrein, dat midden in het bos lag, bedekt met een dikke laag stro. Het stofte, stuifde, en prikte enorm in je tenen en enkels als je slippers aan had, maar het was inderdaad net een stal.

Dankzij deze ondertitel hoopte ik stiekem ook op een hele menagerie aan dieren, maar dat was helaas niet het geval. Dieren waren uberhaupt niet toegestaan, wat dan wel weer jammer was.

Verder was het eigenlijk een standaard arts and crafts fair, waar de meeste vendors jammer genoeg niet eens uit Georgia kwamen. De kwaliteit van de spullen was nog best wel hoog, alhoewel ik nu absoluut geen kraampje dat namen op spaarpotten/bordjes/vlaggen/beren/treintjes zet meer kan zien. Manlief en ik vertrokken bijna met een enorm prijzig olieschilderij, maar dat hebben we bij nader inzien toch maar niet gedaan. En natuurlijk waren er ook allerlei muziekstandjes; de Dolly Parton imitator op "the main stage" probeerde te wedijveren met "The sounds from the Appalachian mountains" verderop, en ondertussen zat er ergens in een hoekje ook nog een harpiste echt prachtige, en totaal niet -passende keltische muziek te spelen.

Al met al viel het dus reuze mee. Er waren geen grits te bekennen, en ze boden niet eens deep fried cornbread aan.

En ik denk dat ik nou toch echt even hard aan het werk moet om te compenseren voor die vrije middag...je kan niet alles hebben, ten slotte.

1 comment:

Bibi said...

Hahahaha heerlijk zo'n kneuterig festivalletje. Dat zou hier niet misstaan, maar een lullige parade en suffe kermis is het enige wat ze hier voor elkaar krijgen;-)